| De Mantel |
De laag boven de kern heet de mantel. Die begint
op ongeveer 10 km diepte onder de oceaankorst en op ongeveer 30 km onder
de continentale korst. De mantel is onder te verdelen in de buiten- en de
binnenmantel. De mantel is ongeveer 2900 km dik en maakt bijna 80% uit van het
totale volume van de aarde.
De wetenschap kijkt op twee manieren naar de opbouw van de mantel. Op basis van
de chemische samenstelling (het materiaal waar het uit bestaat) en op basis van
de wijze waarop de lagen stromen of bewegen.
Waar bestaat de mantel uit?
De verdeling volgens de chemische samenstelling:
Binnenmantel: De binnenmantel ligt tussen de 300 km en 2890 km diepte. Hoewel de gemiddelde temperatuur daar rond de 3000°C ligt is het gesteente toch vast, dat komt door de hoge druk. De binnenmantel bestaat waarschijnlijk voor het grootste gedeelte uit sulfides en oxydes van silicium en magnesium. De dichtheid ligt tussen de 4,3g/cm³ en 5,4g/cm³.
|
Buitenmantel: De buitenmantel is een stuk dunner dan de binnenmantel. Hij ligt namelijk tussen 10 km en 300 km diepte. De buitenmantel kun je weer onderscheiden in twee verschillende lagen. De onderste laag is taai vloeibaar gesteente, en bestaat waarschijnlijk uit silicaten van ijzer en magnesium. De temperatuur ligt in dit gedeelte tussen de 1400°C en 3000°C, en de dichtheid ligt tussen de 3,4g/cm³ en 4,3g/cm³. De bovenste laag van de buitenmantel bestaat uit hetzelfde materiaal maar is door de lagere temperatuur stijf.
Bij deze manier kijk je naar de buitenmantel en
de korst samen. Hierbij maak je een verdeling in asthenosfeer en lithosfeer. |
|
|
Welke
invloed heeft de mantel?
Omdat de Aarde van binnen enorm heet is, ontstaat er een warmte stroming vanuit de kern naar de korst. Dit noemt men convectie stroming en deze vindt ook in de mantel plaats. Deze stroming koelt af naarmate zij dichter aan het aardoppervlak komt. Daardoor neemt de stijging van de stroming af en beweegt zich in horizontale richting langs de onderkant van de korst. Als zij nog verder afgekoeld is, daalt de convectie stroom weer en gaat terug naar het binnenste van de aarde. Daar stijgt de temperatuur weer en stijgt de stroming opnieuw. Zo stroomt de materie de hele tijd rond. Als deze stroming bij een zwak gedeelte van de korst komt, bijvoorbeeld bij een vulkaan, komt het magma naar boven zetten. De convectie stroming langs de onderkant van de korst zorgt voor de verschuiving van de tektonische platen. Dit noemt men platentektoniek. De beweging van deze platen gaat weliswaar zeer langzaam. Als twee tektonische platen tegen elkaar botsen ontstaat er een aardbeving. |
| Verwante sites |
Hoofdpagina | Ontstaan van de Aarde | Structuur van de Aarde | Leven op Aarde
Structuur van de Aarde: Structuur
| De Kern | De
Mantel | De Korst | De
Atmosfeer | Invloed van de Zon en de Maan
Platen Tektoniek | Aardbevingen
| Vulkanen
|
|
| ©
Copyright 2000, ThinkQuest team C003124 All rights reserved. |
| /C003124/nl/mantle_nl.htm |