|
Zoek de site e-Mail English version | ||||||||||||||
Soorten van de menselijke evolutieThe evolutie van aap tot mens is in te delen in verschillende soorten aapmensen. In deze paragraaf behandelen die verschillende soorten van onze mogelijke voorouders. Ardipithecus ramidus Australopithecus anamensis Australopithecus afarensis Australopithecus africanus Australopithecus aethiopicus Australopithecus robustus Australopithecus boisei habilis erectus sapiens (archaic) sapiens neanderthalensis sapiens sapiens Vragen over de tekst Ardipithecus ramidusDit is de meest primitieve soort van de mens die tot nu toe is gevonden en ook de oudste. Hij heeft ongeveer 4,4 miljoen jaar geleden geleefd in het gebied waar nu Ethiopië ligt en was ongeveer 122 cm lang. Ramidus heeft een meer chimpansee-achtig uiterlijk dan alle andere soorten. Zijn poten leken namelijk een beetje op die van chimpansees, maar ook op die van de Australopithecus afarensis. De fossielen die zijn gevonden wijzen op het leven in de bossen. Ze schijnen wel tweevoetig te zijn geweest; zo konden ze naar een savanneklimaat trekken. Australopithecus anamensisHij leefde zo'n 4,2 tot 3,9 miljoen jaar geleden. Het lichaam van anamensis was een mengeling van de primitieve en de meer ontwikkelde soorten. Zijn tanden leken veel op die van oudere apen. Benen en armen waren al meer ontwikkeld. Door dit laatste is het vrij zeker dat ze op twee voeten liepen. Australopithecus afarensis
Tot de afarensis behoort "Lucy". Afarensis leefde zo'n 3,9 tot 3,0 miljoen jaar geleden. Het gezicht van de afarensis lijkt veel op dat van een aap, het had een laag voorhoofd, een richel van bot boven de ogen, een platte neus en geen kin. De hersenen hadden een inhoud variërend van 375 cm3 tot 550 cm3. Hij leek nog veel op chimpansees, alleen de tanden leken meer op die van de meer ontwikkelde soorten. Hij had namelijk wat kleinere tanden dan de hedendaagse apen, maar wel weer wat groter en scherper dan de huidige mens. Het gebit had een vorm die tussen een rechthoek van de apen en de parabool van de mensen lag. Afarensis kon al lopen en was vrij sterk. De vrouwen waren kleiner dan de mannen. De lengte van de afarensis kon variëren van 107 cm tot 152 cm. De vingers en tenen waren nog erg krom, waarschijnlijk nog een overblijfsel van het klimmen in de bomen. Het kan ook zo zijn dat ze nog steeds in bomen klommen, hierover twisten de geleerden nog steeds. De vingers en tenen waren groter dan die van mensen. Australopithecus africanusAfricanus leefde tussen 3 en 2 miljoen jaar geleden en leek al meer op de mens. De tanden waren achterin groter en voorin kleiner en minder scherp dan die van de afarensis. Dit duidt erop dat ze fruit en planten aten. De vorm waarin de tanden stonden had nu een echte paraboolvorm, zoals die van de moderne mens. De hersens waren ook groter dan die van de afarensis, maar nog net niet groot genoeg om te kunnen praten. Ze hadden een inhoud tussen de 400 cm3 en 500 cm3. De Australopithecus africanus leefde in de grassteppen in oost en zuid Afrika. De Australopithecus afarensis en de africanus staan bekend als de gracile Australopithecines, omdat ze lichter waren gebouwd in de schedel en tanden. Gracile betekent dan ook tenger of zwak. Australopithecus aethiopicusAethiopicus leefde zo'n 2,6 tot 2,3 miljoen jaar geleden. Van deze soort zijn een paar opgravingen gedaan, de bekendste is de Black Skull die door Alan Walker is gevonden. Dit kan een soort zijn geweest die een voorvader van de Australopithecus robustus en boisei was. De aethiopicus heeft verschillende trekken van de primitieve en de meer ontwikkelde soorten. De hersenen hadden een kleine inhoud van ongeveer 410 cm3. Erg veel is er nog niet bekend over de aethiopicus, omdat de opgravingen niet gehele skeletten naar boven brachten. Australopithecus robustusRobustus leefde ongeveer 2 tot en met 1,5 miljoen jaar geleden. Hij had een lichaam dat bijna gelijk was aan dat van de africanus, maar hij had wel een grotere kop die meer op die van de mens leek dan die van alle voorgaande soorten. Het gezicht was wat vlakker geworden. Het mondgedeelte was dus niet meer zo naar voren geschoven als bij de voorgaande soorten. Hij had relatief kleine voortanden en massieve grove tanden achter in het gebit. De hersenen hadden een inhoud van gemiddeld 530 cm3. De botten die zijn gevonden van de robustus wijzen erop dat ze die botten hebben gebruikt als graafgereedschap. Australopithecus boisei
Boisei leefde tussen 2,0 en 1,1 miljoen jaar geleden en leek zeer veel op de robustus. Veel nieuws valt er dus niet over te vertellen. Alleen het hoofd had een andere vorm. Het hoofd was nog wat massiever geworden, wat wil zeggen dat het gezicht dus nog vlakker werd. Het gezicht begon wat meer op dat van de mens te lijken. Het eerste exemplaar van deze soort is gevonden in de Olduvai-kloof door Leaky, een bekende archeoloog. De Australopithecus aethiopicus, robustus en boisei zijn bekend als de robuuste Australopithecines, omdat hun lichaam vrij robuust gebouwd was. habilis
habilis heeft niet voor niets een andere naam dan Australopithecus. Hij is namelijk bekend als de "handy-man", omdat habilis bij primitieve werktuigen is gevonden en al veel meer leek op de moderne mens dan de Australopithecines. Leaky, een bekende archeoloog, vond in de Olduvai-kloof namelijk vele primitieve stenen werktuigen als vuistbijlen en slingerstenen. habilis leefde tussen de 2,4 en de1,5 miljoen jaar geleden. Hij leek in veel opzichten nog veel op de Australopithecines. Het gezicht was bijvoorbeeld nog altijd vrij primitief. De achtertanden zijn wel kleiner dan die van de Australopithecines, maar nog altijd groter dan die van de moderne mens. De hersenen waren ook groter dan die van de Australopithecines, ze hadden namelijk een inhoud variërend van 500 cm3 tot 800 cm3 en de vorm leek al meer op die van de moderne mens. Het is ook zeer waarschijnlijk dat de habilis al kon spreken. Deze soort werd ongeveer 127 cm lang. erectus
erectus leefde zo'n 1,8 miljoen tot 300.000 jaar geleden. Het gezicht leek veel op dat van de habilis. Hij had een grote bovenkaak en gezicht met opvallende wenkbrauwwallen. De hersenen kregen een inhoud tussen de 750 cm3 en 1225 cm3. Het lichaam was nog steeds robuust. Er zijn verschillende overblijfselen gevonden in Afrika, Europa en Azië. In Europa zijn een aantal opgravingen gedaan in Duitsland en in Azië in China en voormalig Nederlands-Indië (Indonesië). De opgravingen in Afrika en Europa wijzen op een lange, slanke man, terwijl de opgravingen in Azië meer op een kleine, stevig gebouwde man wijzen. De opgravingen op Java (Indonesië) wijzen op een veel primitievere erectus (de Java-mens) dan die in de buurt van Peking (China). De erectus van Peking (de Peking-mens) had een grotere herseninhoud (+/- 1055 cm3) en het is mogelijk dat hij over een primitieve taal beschikte. De Afrikaanse en Europese erectus schijnen wel efficiënter te hebben gelopen dan de moderne mens. De vorige soorten zijn tot nu toe alleen nog maar in Afrika gevonden, maar de erectus is ook in Europa en Azië gevonden. erectus heeft verder waarschijnlijk ook als eerste vuur gebruikt. Bij de Peking-mens is dit het meest waarschijnlijk, omdat bij de overblijfselen van dit soort oude vuurplaatsen zijn gevonden. De stenen werktuigen die ze maakten werden steeds beter. sapiens (archaic)sapiens leefde zo'n 500.000 jaar geleden. De hersenen hadden een gemiddelde inhoud van 1200 cm3, de tanden werden kleiner en minder robuust. Er vormde zich een kin en een voorhoofd, hierdoor werd het hoofd iets ronder. De fossielen van deze soort zijn gevonden in Afrika en Europa. sapiens neanderthalensisBij dit soort staan we even wat langer stil. De Neanderthaler is dan wel als één van de eerste soorten gevonden, zijn uitsterven is tot op heden dag nog een raadsel. De Neanderthaler is genoemd naar de eerste vindplaats van hem in het Neanderthal, oud Duits voor het Neander Dal, dichtbij Düsseldorf in 1856. Op 4 februari 1857 werd de vondst door Schaaffhausen voor een genootschap in Bonn beschreven en sinds die dag is de 'Neanderthaler' in de wetenschappelijke wereld opgenomen. Door verschillende gefossiliseerde beenderen en tanden kunnen we een goed beeld van de grootte en de bouw van de Neanderthaler vormen. Hij leefde zo'n 230.000 tot 30.000 jaar geleden. Hij was gemiddeld 1.60 meter lang en woog circa 70 kilogram. Hij was dus kleiner dan de Europeanen van tegenwoordig, maar zwaarder gebouwd. Hij bezat sterke en gedrongen botten, grote en stevige gewrichten, stevige spieren, een lang lichaam met relatief korte benen. De Neanderthaler liep rechtop. Zijn herseninhoud lag tussen de 1300 en 1700 cm3, wat ongeveer even groot is als dat van de moderne mens, maar 10% kleiner als men rekening houdt met het verschil in de lichaamsafmetingen. De Neanderthaler had een terugwijkend voorhoofd, geprononceerde wenkbrauwwallen en een enigszins naar voren uitstekend gezicht, zonder een echte kin. De schedel was laag en, van voor naar achteren gemeten, tamelijk lang. Waarschijnlijk had hij een grote, enigszins gezwollen neus. Al deze kenmerken passen bij een aanpassing aan een koud klimaat. De kleine, zware bouw houdt de warmte goed vast. De grote neus en de forse neusholte konden de ijskoude lucht opwarmen, voordat die de longen bereikte. De Neanderthaler leefde in de periode van de laatste ijstijd.
De Neanderthaler had verschillende werktuigen, namelijk: messen, speerpunten, beitels, boortjes en schrabbers. Om deze werktuigen te maken moest de Neanderthaler een hoge mate van 'intelligentie' en handvaardigheid bezitten. De Neanderthaler leefde in kleine groepen, verzamelde planten als voedsel en jaagde op prooidieren als herten, runderen, hole beren, mammoeten en wolharige neushoorns. Vuur was erg belangrijk voor de Neanderthaler. Het bood bescherming tegen al te lage temperaturen, hield plunderende roofdieren op afstand en was nuttig voor het ontdooien en voor het koken van voedsel. Ze hebben waarschijnlijk dierenhuiden gebruikt als primitieve kleren en tenten te maken. Ze hebben zich ook om ouden en zieken bekommerd. De meeste overblijfselen van de Neanderthaler zijn in grotten gevonden. Dit wijst erop dat ze waarschijnlijk in grotten leefden, maar ook dat zij daar hun doden bergroeven. Zij waren het eerste soort met de aanwijzing voor ritueel gedrag.
Er zijn geen opgravingen meer gedaan van Neanderthaler-overblijfselen van na 30.000 jaar geleden. Op dat moment waren de Cro-Magnon mensen, de sapiens sapiens, ook aanwezig in Europa. Het is niet duidelijk wat de oorzaak is voor het plotseling verdwijnen. Enkele geleerden beweren dat ze de voorouders van de Cro-Magnon mensen waren, omdat er overblijfselen waren gevonden die Neanderthal- en sapiens sapiens kenmerken bezaten. Andere denken dat ze zijn uitgestorven vanwege het klimaat. Ze leefden in de periode van de laatste ijstijd en op een gegeven ogenblik werd het te koud. Weer andere denken dat ze zijn uitgestorven vanwege vele ziektes. Dat waren dan ziektes, waartegen ze niet bestendig waren, die door de sapiens sapiens waren meegenomen uit de warmere gebieden nat zoals er in de 16e en 17e eeuw gebeurde met Europa toen zij kolonies stichten. Eigenlijk is er nog steeds geen harde bewijzen voor het uitsterven van de Neanderthaler. Het blijft allemaal bij gissingen. sapiens sapiens (modern)Één van de eerste sapiens sapiens is het Cro- Magnon mens. Dit soort werd in 1868 gevonden in een grot in de Dordogne in Frankrijk. De botten en de schedel leken precies op dat van de moderne mensen, maar dateerde 30.000 jaar geleden. De mannen waren gemiddeld 1.80 meter lang, de vrouwen 1.65 meter. Ze waren krachtig gebouwd en ze hadden geen wenkbrauwwal meer en wel een kin. Het Cro- Magnon zou nu niet op straat worden herkent. De werktuigen van het Cro- Magnon mensen werden steeds mooier en meer bruikbaar. Door deze vooruitgang van werktuigen konden ze beter jagen. Ze jaagden erg veel. Dit kan erop duiden dat ze veel monden moesten voeden.
We zullen nu de sapiens sapiens in zijn algemeen behandelen. Wij behoren ook tot de sapiens sapiens. Hij verscheen voor het eerst 120.000 jaar geleden. Het voorhoofd werd groter en de hersenen waren groter dan die van de sapiens, maar weer relatief kleiner dan die van de Homo sapiens neanderthalensis. Onze hersenen zijn ongeveer 1350 cm3 groot. 40.000 jaar geleden begonnen we voor het eerst andere grondstoffen te gebruiken voor het gereedschap, zoals botten en geweien. De mens begon toen ook meer kleren te maken en meer te graveren. In de 20.000 jaar daarna begon de mens steeds meer te fabriceren, ook muziekinstrumenten! De mens was 100.000 jaar geleden robuuster dan nu, daarom worden ze nu soms aangeduid als 'de primitieven'. Voor meer informatie:http://www.talkorigins.org/faqs/homs/species.html © 1999 Team 26070 Thinkquest. All rights reserved. |
|||||||||||||||