Tibetaanse regering en geschiedenis
Volgens de lengende (vijfde eeuw voor Chr.) daalde de eerste Tibetaanse
koning, Nyatri Tsenpo vanuit de hemel neer aan een touw in de buurt van
Tsetang in de Yarlung vallei. Hij verliet de aarde weer via hetzelfde touw aan
het einde van zijn leven. De 6e koning werd gedood door een sterveling.
Sindsdien moeten de koningen leven en sterven op aarde.
Tibet werd een machtig rijk onder Songtsen Gampo. Zijn rijk strekte zich uit
over geheel Tibet , delen van India, Nepal, Sikkem, Bhutan en China. Hij
trouwde met een Nepalese prinses en een Chinese prinses, om de betrekkingen met
Nepal en China te verbeteren. Deze 2 bruiden waren boeddhisten. De trouw voor
hun geloof leidde tot de bekering van de koning tot het boeddhisme. Songsten
staat bekend als de koning die Tibet tot Boeddhisme bracht. Songsten wees Lhasa
aan als hoofdstad. Ook werd er een Tibetaanse alfabet en schrift gemaakt.
De 42e Yarlung koning, maakte een einde aan de rij religieuze koningen. Hij was
tegen het Boeddhisme. Hij vernietigde bijna het gehele boeddhisme in Tibet.
Kloosters en boeken moesten het ontgelden. Hij werd afgezet door monniken in
842.
Er ontstaan verschillende
sekten of richtingen binnen het boeddhisme. Een aantal worden samen de 'Rood
mutsen' genoemd andere sekten de 'Geel mutsen'.
Tibet was in die tijd verdeeld in veel kleine koninkrijken. Tibet werd weer een
land toen de Mongolen West-China en Noord-Tibet binnenvielen. Genghis
Khanen zijn kleinzoon Godan Khan leidden deze invasie.
Godan Khan, nodigde in 1247, Sakya Pandita, de abt van het Sakya klooster uit.
Sakya had zoveel invloed op Godan dat hij plaatsvervangende koning, of de
konings vertegenwoordiger werd wat betreft de regio Tibet.
De andere religieuze sekten van Tibet begonnen jaloers te worden op de lama's
van Sakyapa die zulke machtige posities innamen.
In 1365 werden de Mongolen overwonnen door de Chinezen. Het Mongoolse rijk viel
in tweeen en dit betekende het einde van de relatie tussen de Mongoolse
heersers en de Tibetaanse lama's.
De derde abt van het Drepung klooster, Godan Khan, was de leider van de
Gelukpa sekte. Altan Khan, Kublai Khan's achter kleinzoon bekeerde tot het
boeddhisme door Sonam's invloed. Altan gaf hem de titel Dalai lama, wat 'Oceaan
van de Wijsheid' betekent.
Gushri Khan viel in 1642 Tibet binnen en versloeg de huidige koning. De vijfde
Dalai Lama was zijn bondgenoot en is als de grootste leider de Tibetaanse
geschiedenis ingegaan. Zijn naam was Ngawang Lobsang Gyatso. Zijn
bijnaam de Grote Vijfde. De Grote Vijfde wees Lhasa weer als hoofdstad aan. Hij
breidde het Potala Paleis uit en bleef daar wonen. Hij ontwikkelde een
regeringssysteem dat bestond tot 1959.
De zesde Dalai Lama was een slechte leider. Zodoende was Tibet een makkelijk
doel geworden voor aanvallen van De Manchus en de Mongolen, welke beiden
grootmachten waren in Azië in die tijd.
Groot Brittanië raakte geïnteresseerd in Tibet wegens handels
mogelijkheden. De dertiende Dalai Lama vluchtte op zevenentwintig-jarige
leeftijd naar Mongolië. In 1907 kwam de Dalai Lama terug naar Tibet, waar
er nu vrije handel werd bediscussieerd.
Thupten Gyatso, de dertiende Dalai Lama, werd Tibet's grootste hervormer
sinds de Grote Vijfde. De geschiedenis had uitgewezen dat Tibet zichzelf niet
goed kon verdedigen.
De Dalai Lama organiseerde een leger met behulp van Groot Brittanië. Dit
leger had moderne wapens en een moderne training. Er werden telegrafeer lijnen
aangelegd en een elektriciteitscentrale. Er werd een Engelse school opgericht
in Gyantse. Er gingen zelfs enkele Tibetaanse studenten in Engeland studeren.
Nu volgden ook hervormingen wat betreft de regering. De Dalai Lama zorgde
ervoor dat de horigen hun eigen land konden bezitten. Hij veranderde ook de
belasting regeling zodat ook de doorsnee Tibetaan een kans had om vooruit te
komen.
In 1913 organiseren de Britten de Simla Conferentie in hoop een overeenstemming
te bereiken wat betreft de relatie tussen Tibet en China. China weigert een
contract te ondertekenen.
De dertiende Dalai Lama stierf in 1933. De modernisatie had niet genoeg tijd
gehad om helemaal in te zijn geworteld. Vervoer en communicatie werden
weerprimitief en China was nog steeds een probleem.
In 1949 werd de Nationalistische regering door Mao Zedong en zijn Chinese
Communistische Partij omver geworpen. Mao's bevrijdings leger viel in oktober
1950 Tibet aan. Op een leeftijd van zestien begon de veertiende Dalai Lama aan
zijn bewind. De Verenigde Naties boden geen hulp, dus Tibet kon niet anders dan
op geven en in te stemmen met de bevrijding.
De Tibetanen werden geacht trouw te zijn aan het Chinese Communistische systeem
of ze werden mishandeld.
In 1959 vermomde
de Dalai Lama zich als een soldaat en ontvluchtte 's nachts het paleis. Hij
vluchtte samen met zijn familie, volgelingen en Khampa's als gidsen.
Veel Tibetanen probeerden te vluchtten via de bergen, maar daar waren Chinese
wachters geplaatst om dat te verhinderen. Velen werden gedood tijdens hun
vlucht. Anderen vroren dood of stierven van de honger. Het uitoefenen van
religieuze gewoonten werd verboden.
China rechtvaardigden hun inval omdat het Tibetaanse land toch al van hen was.
Het Hoger Gerechtshof verklaarde dat Tibet een onafhankelijk land was en
veroordeelden de Chinese invasie. Toen dit ter discussie kwam bij de Verenigde
naties resulteerde dit slechts in een zwakke resolutie om het behoud van de
rechten van de mens in Tibet.
Veel mensen werden in het openbaar doodgeschoten als voorbeeld voor de anderen.
Dorpen werden vernietigd en de inwoners werden gekruisigd of opgehangen.
Vrouwen en meisjes werden gedwongen tot sterilisatie en zwangere vrouwen tot
abortus. Zelfs zuigelingen werden gedood d.m.v. dodelijke injecties.
Tibet was verwoest. Er was bijna niets meer van over. Meer dan 1,2 Tibetanen
zijn gedood sinds de inval van de Chinezen.
Een klein deel van de Tibetaanse godsdienst mocht in 1985 weer worden
uitgeoefend.
In maart 1989 vonden er onafhankelijkheids acties plaats. Er werden 'slechts'
zestien betogers gedood, maar de vele nonnen de monniken die deel namen aan de
acties werden later bruut gemarteld. Lhasa werd daarop in staat van beleg van
beleg gesteld en bijna tweeduizend mensen werden het daarop volgende jaar
geëxecuteerd.
Wegens zijn toewijding wat betreft vrede en anti-geweld ontving de Dalai Lama
in oktober 1989 de Nobelprijs voor de vrede. China was het niet eens met deze
toekenning en beweerde dat men zich bemoeide met Chinese zaken.
De Dalai Lama probeerde in 1990 en 1993 een compromis te sluiten met China,
maar opnieuw werden deze geweigerd.