Jezus van Nazareth
| Tijdens de bezetting van Israël door de Romeinen hoopten de inwoners op een bevrijder. Ze hoopten op een messias. Toen ze hoorden dat Jezus van Nazareth door het land trok en allemaal wonderen verichtte geloofden ze dat hij de messias was. Rond Jezus van Nazareth onstonden er al gauw een aantal leerlingen. Jezus werd tot koning gekroond door het Joodse volk. De Romeinen onder leiding van Tiberius namen dit niet en ze kruisigden Jezus. |
![]() |
Na zijn dood ontstond er een nieuwe godsdienst: het Christendom. Het is waarschijnlijk door de leerlingen van Jezus verspreid. Ook dit namen de Romeinen niet en ze gingen de Christenen vervolgen. Ze vonden dat de Christenen op 3 punten fout waren: Ze vereerden een andere God en niet de keizer. Hiermee beschadigde ze de naam van de Keizer.(1) Ze kozen een koning. Dat was een gevaar voor omringende volkeren en voor het Romeinse Rijk zelf. Het was een gevaar voor omringende volkeren, omdat deze dan een vijand naast zich hadden.(2) Het was een gevaar voor het Romeinse Rijk zelf, omdat andere volkeren ook misschien een koning zouden kiezen en dan zou het rijk dus uit een vallen.(3) Ondanks dat de Romeinen de Christenen vervolgden, groeide het Christendom sterk. |