|
Mager vlees
Een aantal jaren geleden was
het speklapje en ander vlees met een vetrandje nog het meest populaire
vlees in de Nederlandse gezinnen. Maar de laatste jaren is vlees met een
vetrandje behoorlijk in populariteit gedaald, om de simpele reden dat vet
volgens onderzoekers slecht is voor bloed en bloedvaten en dus een hartinfarct
kan veroorzaken. Het lijkt logisch om dan wat minder vlees met vet te eten
en over te stappen op mager vlees. Maar toch is het magere vlees meestal
wat ongezonder dan het vlees waar een vetrandje aan zit. Mager vlees groeit
namelijk niet vanzelf aan bio-industrievee. Daarvoor moet er kunstmatig
worden ingegrepen.
Groeimiddelen
Een manier om er voor te zorgen
dat een dier meer vlees dan vet produceert is het geven van groeimiddelen.
Alleen zijn deze meestal verboden vanwege de schadelijke effecten op mens
en dier. Toch wordt clenbuterol, een voormalig antihoestmiddel, nog
in veel landen van Europa gebruikt. Ook wordt dit middel, wat de vorming
van vlees bevorderd en de vorming van vet tegen gaat, in Nederland door
sommige boeren nog stiekem toegediend. Bij een steekproef in Nederland
bleek dat in 10% van de runderlever clenbuterol zat. Bij dieren is dit
goed voor een verhoogde hartslag en stress. Bij de consument tot versnelde
hartslag, duizeligheid, beven en hoofd- of spierpijn. Bij dezelfde proef
werd in 1% van de lendenbiefstukken anabolica, groeihormonen, aangetroffen.
Sommige topsporters gebruiken
dit groeihormoon soms vanwege de toename van de spiermassa, maar dit gaat
ten koste van de gezondheid. Verschillende topsporters belandden
na het gebruik van anabolica in het ziekenhuis of leden aan aanvallen van
onredelijkheid en agressie. Dit laatste wordt ook waargenomen bij kinderen
die elke dag vlees eten, volgens Amerikaanse onderzoekers.
Om te zorgen dat je minder
kans hebt om gesnapt te worden op het gebruik van verboden groeibevorderaars,
wordt bijvoorbeeld een cocktail toegediend. Zo zijn er maar kleine restjes
in het vlees terug te vinden, en bovendienen stoppen de meeste boeren ruim
voor de slacht met het toedienen van de groeihormonen, zodat de aanwezige
resten in het lichaam kunnen worden opgenomen.
Naar inleiding
2
|
|