De watersnoodramp van 1953Het verhaal over de rampStel je 1953 voor, maar dan in een ander landWat schreven de mediaGeologieDe DeltawerkenWat is er door de deltawerken veranderd?Guided TourZoeken in de siteHoe werkt deze site?Hoeis deze site tot stand gekomen?

hoegebeu.gif (3167 bytes)

Hoe was de situatie in Zeeland voor de 31 januariHoe heeft de ramp plaatsgevondenWat was de schadeWat was de schadeHoe breekt een dijk doorHoe onstaan golven

Het vaste land van Zuid-Holland

Holland heeft bijna geen hinder van de stormvloed ondervonden, hoewel aan de kust de toestand kritiek is geweest. De duinen bij kijkduin en ‘s-Gravenzande verplaatste zich op sommige plekken 25 a 30m landinwaarts. Een kleine doorbraak vond plaats ten westen van Nieuwerkerk a/d IJssel in de dijk van de Esse, Gaasdorp en Blaardorpse polder.


Alblasserwaard

Het rode geeft het ondergelopen gebied aan
Dit gebied is afhankelijk van zijn banddijken, omdat het niet over binnendijken beschikt. Hierdoor kwam het ook toen om 5:30 er een bres in de dijk bij Papendrecht viel, alle polders achter deze dijk onderliepen. Op 5 februari werden echter de toen al twee stroomgaten tellende doorbraak gedicht. Op 18 maart was deze polder weer droog.
Een dorp onder de vloed Het eiland Rozenburg.

Aan de kop van het eiland Rozenburg is 1300 meter dijk ernstig beschadigd. De bedijking langs de Rotterdamse Waterweg was op enige plaatsen doorgebroken, waardoor een belangrijk gedeelte van het eiland onder water kwam te staan.

Het eiland Voorne-Putten

Een oppervlak van 140 ha rondom Hellevoetsluis heeft gestaan, wat al weer op 12 februari droog was. Een groot deel van Putten kwam onder water te staan. Het eiland is voor een nog grotere ramp gespaard gebleven omdat duizenden vrijwilligers en militairen er voor hebben gezorgd dat op Voorne de dijken waar nodig versterkt werden. Om er voor te zorgen dat de kanaaldijk behouden bleef heeft men een 10 km lange houten kistdam gemaakt die met klei werd opgevuld. Deze dam werd in binnen 10 dagen aangelegd.

Het eiland De Hoekse Waard

Het eiland de Hoekse Waard werd van alle kanten belaagd door het water. Ondanks dat de dijken in goede staat waren vonden er doorbraken plaatst. Hierdoor kwam 4000 ha onder water te staan. Er kwam nog een 5900 ha bij omdat de binnendijken van zo geringe hoogte waren dat zij het water niet tegen houden konden.

Het eiland De Tiengemeten

Een dijkdoorbraak
Omdat de dijken te laag waren stroomde het water gewoon over de dijken heen. Hierdoor werd de kern doorweekt en brak de een na de andere dijk, waardoor het gehele eiland op zondagmorgen geheel onder water stond. Direct na de ramp werden alle gaten gedicht. Omdat er nog 3 van de 4 spuisluizen heel waren konden ze de polders, zonder extra hulp leeg laten lopen. Op 3 april was het gehele eiland weer droog.
Een boot ligt midden op het land bij eb Het eiland Goeree-Overflakkee

Het zuidelijks gelegen eiland van Zuid-Holland werd het zwaarst getroffen. Van het totale oppervlak van 20.940 ha kwam een oppervlak van 17.190 of 82% onder water te staan. Dat dit getal niet nog hoger was, is te danken aan de vele binnendijken, die ervoor gezorgd hebben dat niets nog eens 2470 ha land onderliep. Als dit wel het geval was geweest was op de duinen na het hele eiland in water veranderd. Ondanks dat het zo’n groot gebied was, lag drie maanden later het eiland weer helemaal droog. Op de Nieuw-Stellendam na die met zijn 50 ha op 17 juni 1953 droogviel.

Schouwen-Duiveland.

Dit eiland is net als Goeree-Overflakkee zeer zwaar getroffen. Op de brede duinstrook, en een gebied in het centrum, na stond het geheel onder water. Omdat er 54 stroomgaten waren ontstaan, werd het laatste gat pas op 7 november gedicht. Omdat de zee al die tijd de stroomgaten steeds dieper had uitgesleten waren zelf caissons aan te pas komen om het laatste gat bij Ouwerkerk te sluiten. Op 31 december valt dan het laatste stuk van de totale 11.350 ha weer droog.

Tholen

Tholen heeft voor de helft onder water gestaan. Met totaal 6560 ha ondergelopen polder waarvan 1560 ha dras, kwam het in april weer droog te staan. Reeds op 5 februari was een gebied van 680 ha land, dat dras gestaan had, weer droog.

Sint-Philipsland

Dijkdoorbraak
Het gehele westelijke deel van Sint-phillipsland heeft onder water gestaan. De hele Prins Hendrikpolder heeft onder water gestaan.(1630 ha. waarvan 55 ha dras); slechts 9.5% is voor overstroming gespaard gebleven. Op 26 maart was St. Philipsland weer droog.
Het water loopt weg Walcheren

Van alle eilanden heeft Walcheren het minste last gehad van de ramp. Van de totale oppervlakte van 20.330 ha die Walcheren telt is er een gebied van 1150 ha onder water gelopen. Hiervan was 10 ha dras. Op 4 februari was echter al 720 ha drooggevallen. Al op 15 februari was het hele eiland weer zeewater vrij.

De schade was vooral opgetreden aan de duinenkust. Hij sommige duinenrijen had het water 10 tot 20 meter duin afgeslagen. Bij Oostkappelle, bij het waterl-win- gebied was zelfs een gat in de duinen geslagen, waardoor het zoute water in de drainage pijpen kwamen. In Vlissingen stond de boulevard blank en zorgde ervoor dat een gedeelte van de stad tijdelijk onder water stond. Ook het water dat via de vissershaven de stad binnenvloeide zorgde voor veel vernield in de lagere delen daarachter. Op sommige plaatsten stond het water 120 cm hoger dan de straatstenen.
Noord-Beveland

Van de totale oppervlakte van Noord-Beveland heeft ongeveer 30% onder water gestaan. Aan de noordelijke zijde van het eiland viel het mee, en was het overstroomde gebied maar 165 ha. Toen ook nog de zeedijk in het oosten bezweek, stond er daar ook een klein gebied van 145 ha onder water. De ergste overstromingen waren vooral aan de zuidelijke zijde. Hier werd de zeedijk zo ernstig beschadigd dat het water zonder veel moeite de polders in kon lopen. Terwijl de binnendijken toch hoog genoeg waren werd van de 1920 ha 1475 ha veroorzaak door het bezwijken van binnendijken.

Schade aan de straten
Nog in februari viel al een gedeelte van 685 ha droog; in maart 100 ha en in april 1230. Nadat de Jonkvrouw Annapolder die 215 ha was was droog gevallen was het hele gebied op 1 mei weer droog.
Zuid-Beveland

Ongeveer 20% van Noord-Beveland liep onder water. Net als bij Noord-Beveland bleef het noorden opmerkelijk droog. Dit geld ook voor het westen, maar vooral het zuiden werd zwaar getroffen. Hier viel ongeveer 7468 ha ten prooi aan het zeewater. Hiervan is een kwart veroorzaak doordat de binnendijken het begaven. In februari viel 1363 ha droog, in maart 3080 ha. In april 570 en in mei nog een 1055 ha. Toen het waterschap Kruiningen, dat 1400 ha groot is in 25 augustus droog viel had het al tot 24 juli met de Westerschelde in verbinding gestaan.

Huis midden in de vloed Zeeuw-vlaanderen

Van geheel Zeeuw-vlaanderen heeft het westen het minst te lijden gehad. Wel zijn er veel duinen behoorlijk in omvang afgenomen, toch is maar 1% van West-Zeeuw-vlaanderen onder water gestaan. In het oosten was de schade groter. Hier stroomde 7% van het land onder water. Maar al in februari viel 2/3 van dit gebied droog. In maart viel een oppervlakte van 910 ha. Op een april lag er nog maar 50 ha onder water, maar deze lag al weer op 10 april droog.

Land van Heusden en Altena

Het land van Altena kwam door de doorbraak van de banddijk op 15 plaatsen voor een groot deel onder water te staan. De dijken die N.A.P +3.00 m tot N.A.P +3,90 m waren, bezweken snel onder het water dat N.A.P +3,90 m was gestegen. De achterliggende polders liepen dus ook snel vol, en door de lage binnendijken liep de ene polder na de andere vol. Dit gebeurde totdat er na 3 dagen een gebied van ruim 8.000 ha van het 13.000 ha grote land van Altena. Dit gebeurde zo snel omdat het land hier maar een half meter boven de zeespiegel lag.