                        |
|

  
 |
De
zandkreekdam die Noord-Beveland met Zuid-beveland moest verbinden is gemaakt door middel
van caissons. Voordat de Veersedam aan de zeezijde van het Veerse Meer kon worden gemaakt,
moest eerst de achterkant worden gedicht. Dit voorkwam dat een gedeelte van het water van
de Oosterschelde via het Veerse Meer terug naar zee kon stromen, wat tot gevolg had dat er
nog meer stroming ontstond in het Veerse gat. Dus maakte men eerst de dam aan de
achterzijde. Deze dam ging de Zandkreek dam heten en werd gedicht door grote
eenheidcaissons. |
Dit
houd in dat grote betonnen bakken met een vaste maat in het sluitgat worden afgezonken. Na
het afzinken ontstond er dan een stukje dam met de lengte van de caisson. Dit had wel tot
gevolg dat het in het laatste gat door de steeds kleiner wordende ruimte een sterke
stroming ontstond. Daarom werd het laatste deel met twee aan elkaar gemaakte caissons
gedicht. Omdat echter de stroming in dit deel van de delta het minst hoog was kon het
dichten nog met eenheids caissons gedaan worden. De maten van een eenheidscaisson
waren:
-11 meter (lengte)
-7,5 meter (breedte)
-6 meter (hoogte) |
 |
| De caissons werden op een laag van stortstenen neergelaten. Hierdoor konden ze
niet in het mulle zand wegzakken. Omdat in het midden de geul dieper was had men
opzetstukken ontworpen om op de caissons te zetten.Dit laatste was ten behoeve van de
scheepvaart. Zo hoeft scheepvaart met bestemming Vlissingen of Middelburg niet via de
Noordzee, maar kan het ook via het Kanaal door Walcheren, het Veerse Meer en de
Oosterschelde.Nadat de ongeveer 13 caissons waren geplaatst werden erover een dijk
aangelegd, en de dam was klaar. Dit was in 1960 het geval. De achteringang van het Veerse
Meer was afgesloten. |
|