                       |
|

     
| Het tracé voor de
Philipsdam werd in twee stukken verdeeld. Het noordelijke deel loopt van het
sluizencomplex op de plaat van Vliet in Krammer/Volkerak naar de aansluiting op de
Grevelingendam. Tussenin ligt het damvak Krammer, met de gelijknamige sluitgat. Het
zuidelijke deel loopt vanaf het sluizencomplex richting Sint-Philipsland, met de damvakken
Plaat van de Vliet en Slaak, waarin het gelijknamige sluitgat. Er is bij het maken gekozen
dat de dam zo oostelijk mogelijk kwam te liggen. Dit omdat anders de schorren van Flipland
geen getijde beweging meer zouden hebben en in zoet water terecht zouden komen. Dit zou
het einde voor deze schorren betekenen. |
 |
 |
 |
|