                       |
|

      
 |
De pijlers die tussen
de Noord-Beveland en Schouwen-Duiveland worden geplaatst, wegen zon 18000 ton per
stuk. Door een doordachte constructie, de juiste materialen, en constantonderhoud, zou de
stormvloedkering 200 jaar mee kunnen gaan. Een gevaarlijke overstroming zou zich zo
beperken tot ongeveer 1 keer in de 4000 jaar. Het beheer van de stormvloedkering wordt
verzorgd door Rijkswaterstaat. Het motto is om de kering zo weinig mogelijk te gebruiken,
zodat het milieu niet verstoord wordt. Op de bodem van de Oosterschelde op de plaatsen
waar de pijlers komen, worden matten aangebracht om de bodem te beschermen en er voor te
zorgen dat de dam niet verzakt. Voor al de dingen die moeten gebeuren om de
stormvloedkering te bouwen, zijn veel en speciale vaartuigen nodig. |
De
Ostrea tilt de zware pijlers uit het bouwdok op, versleept ze naar de plek waar ze moeten
komen en zet ze daar neer. De Macoma, een ander schip, houdt de Ostrea op zn plaats
bij het neerzetten van de pijler.
Een ander belangrijk schip is de Mytilus. Dit
schip heeft lange trilnaalden van 18 meter lang, die in de grond trillen. Hierdoor komen
de zanddeeltjes dichter op elkaar te zitten en is de grond steviger geworden.
De Cardium baggert geulen in de bodem van de
de Oosterschelde en legt de matten neer. Dit wordt gedaan in samenwerking met de Jan
Heijmans. Dat is een verbouwd asfaltschip dat er voor zorgt dat er geen spleter komen
tussen de gelegde matten. |
 |
 |
Doorsnede
van de pijlerdam
1 pijler
2 dam van voor landhoofdconstructie
3 balk voor bewegingswerken
4 hydraulische cilinders
5 opzetstuk
6 bovenbalk
7 schuif
8 dorpelbalk
9 verkeersweg
10 koker met apparatuur voor schuif
11 leidingenstraat
12 zandvulling dorpelbalk
13 toplaag van drempel
14 kern van drempel
15 zandvulling pijlervoet
16 aanslagen/opleggingen dorpelbalk
17 bovenmat
18 groutvulling
19 tegelmat
20 ondermat
21 ondergronds zand van de bodem
22 grindzak
|
De
moderne apparatuur die bij de bouw gebruikt werd had veel energie nodig. Er was dan ook
een grote afhankelijkheid van elektriciteit.De nieuwe technieken die zoveel energie nodig
hadden waren de volgende:
-er was een systeem op de meeste schepen aangebracht dat zeer nauwkeurig en
automatische de plaats ervan kon bepalen.
-nieuwe peiltechnieken voor de plaatsbepaling
-nieuwe technieken om te meten hoe vlak de bodem is en zandlagen te herkennen.
-het gebruik van gyroscopen en versnellingsmeters
-erg ingewikkelde computers om de grote informatiestromen te kunnen verwerken |
Op
een van de werkeilanden in de Oosterschelde dat Schaar heet, heeft men al in het begin van
de bouw een energiecentrale gebouwd. Deze centrale had een vermogen van 12000 kVA. Dit zou
genoeg zijn om een stad van 45000 mensen van stroom te voorzien. De elektriciteit werd
opgewekt door 15 dieselgenerators en een windmolen.
De pijlers stonden los nog niet zo stevig en daarom werden er rondom de pijlers
stenen gestord om de pijlers te verstevigen. De onderwaterdrempel, want zo heten deze
gestorte stenen, diende er tevens toe om de opening tussen de oosterscheldebodem en de
onderkant van de schuiven te dichten. |
 |
De stenen die onderaan -op
de bodem- liggen zijn het kleinst en hoe verder naar boven we komen, hoe groter de stenen
worden. Dit wordt expres zo gedaan, want de kleine stenen beneden kunnen zo niet
verschuiven. De blokken steen wegen ieder tussen de 6 en 10 ton en bij een eventuele
weigering van de schuiven zouden de stenen niet zomaar wegspoelen.
In 2 jaar tijd is in totaal 5 miljoen ton stortsteen verwerkt. Als men uitgaat van
het bovenstaande gewicht zou men uikomen op totaal zon 700000 blokken. Deze
steensoort die voor de blokken wordt gebruikt, komt uit Duitsland, Finland en Belgie.. Het
vervoer van deze stenen naar Zeeland kostte soms nog enige moeite, omdat de dichtheid
ervan tussen de 2,8 en 3,0 kg/l. |
 |
De
pijlers werden gemaakt in een hele grote bouwput. De oppervlakte hiervan was ongeveer 1
km2. De bouwput was omringt door een ringdijk om het water buiten te houden, want de bodem
van de bouwput lag 15,2 meter beneden zeeniveau! Het water dat toch naar binnen kwam, werd
kunstmatig weggepompt.
Beschrijving van de pijlers:
-18000 ton per stuk
-30,25 m tot 38,75 meter hoog
-voor elke pijlers was ongeveer 7000 m3 beton nodig
-anderhalf jaar werk per pijler
De pijlers zijn van onderen hol, zodat ze nog enigzins te
vervoeren zijn. Als ze eenmaal op hun plaats zijn gezet, wordt deze ruimte opgevult met
zand en is er weinig kans dat de pijler nog kan verplaatsen, want hij staat dan muurvast. |
Het bouwdok , zoals hierboven aangegeven, bestond uit vier gedeeltes. In elk
deel werd aan een aan een aantal pijlers gebouwd. Als de pijlers uit een deel af waren,
werd dat deel onder water gezet. Het hefschip voer het dok dan binnen, tilde de zware
pijler op en verscheepte het naar zn plaats in de kering. Om de 2 weken begon men
met de bouw van een nieuwe pijler en op een gegeven moment waren er dan 30 pijlers in
aanbouw. De ene pijler was dan bijna klaar, terwijl aan de andere net begonnen werd. |
Aan
de kale pijler alleen heb je niets en daarom werd hij ingericht met de volgende dingen:
verkeerskokers, opzetstukken, dorpelbalk en de bovenbalk.
De verkeerskoker
De verkeerskoker is een koker waarop de autoweg ligt en waarin de apparatuur komt
die de schuiven kan bewegen. Er zijn in totaal 62 betonnen stukken van elk 45 meter lang
en ze wegen 1200 ton per stuk.
De opzetstukken
Dit zijn betonnen stukken die boven op de pijlers worden geplaatst. Hieraan worden
de schuiven opgehangen en kunnen ze heen en weer bewegen. De twee opzetstukken per pijler
wegen tussen de 250 en 460 ton.
|
 |
Dorpelbalk
Dit is een 39 meter lange, betonnen, holle koker die bovenop de onderwaterdrempel
van stortsteen tussen de pijlers wordt geplaatst. Een dorpelbalk weegt ongeveer 2500 ton.
Pas op het allerlaatste moment worden nog kleine veranderingen in de vorm gemaakt, zodat
ze percies (maar dan ook precies) tussen de pijlers passen. Na de plaatsing wordt de
dorpelbalk gevuld met zand.
Bovenbalk
Dit is de bovenkant van de opening die door de schuiven geopend of gesloten kan
worden. De kokervormige beton-elementen zijn 5 bij 4 meter en wegen 1100 ton per stuk. |
 |
Tussen de pijlers
komen de schuiven te hangen. De schuiven zijn van staal gemaakt en de lengte is 42 meter
lang. De hoogte is afhankelijk van de plaats waar hij komt en zit tussen de 5,9 en 11,9
meter. Ze wegen tussen de 300 en 500 ton per stuk.Om de schuiven op en neer te bewegen is
een speciaal systeem nodig. Dit is het zogenaamde hydraulische systeem. In totaal zijn er
124 hydraulische cilinders die bedient worden vanuit een apart gebouw. |
|