Hoofd > Konijnen

Myxomatose en Calicivirus

Konijnen

Myxomatose en Calicivirus zijn beide vormen van biologische bestrijding. Deze twee ziektes zijn gastheer-select. Dat wil zeggen dat ze maar één diersoort infecteren, in dit geval konijnen. Deze beide virussen hebben, toen ze geďntroduceerd werden, een aanzienlijke uitwerking gehad op de konijnenpopulaties, maar al snel hadden de virussen geen effect meer. Later werden andere virusdragers geďntroduceerd om de virussen een stimulans te geven. Zij verhoogden de effectiviteit van de virussen, maar niet in die mate waarop gehoopt werd. Deze beide virussen zijn heel verschillend, zoals wordt uitgelegd in het volgende.

Myxomatose

Deze konijnenziekte werd in het voorjaar van 1950 geďntroduceerd in de Murray-Darling River Basin, in de hoop de groeiende populatie van dit grazende wilde dier, dat al aan het begin van de 20e eeuw het niveau van een plaag had bereikt, te beheersen.

Het virus dat Myxomatose veroorzaakt heet het myxoma virus. Het wordt verspreidt door een virusdrager. Dat is een organisme dat een virus van het ene op het andere beest overdraagt. De symptomen van Myxomatose in het beginstadium zijn vermoeidheid, geleidelijke verhoging van de lichaamstemperatuur, toenemend waterverbruik, afnemend gebruik van voedsel;

Na 4 dagen krijgt het konijn zijn normale lichaamstermperatuur en hervat hij zijn normale activiteiten weer, met een paar uitzonderingen waaronder de toename van voedselgebruik (meer dan normaal), afname van watergebruik (minder dan normaal), en soms nog oogontsteking.

Na zeven dagen lijkt het konijn verward, geďrriteerd, stijf, de oren kunnen kil aanvoelen, als ze een ontstoken oog hadden is het ooglid nog meer opgezwollen en ze kunnen een totale nasale (neus-) ontsteking hebben;

Na 10 dagen krijgt het konijn problemen met urineren en de urine lijkt bruin, hij kan een muskusachtige ‘zieke’ lucht ontwikkelen, de huid lijkt gekneusd, de geslachtsdelen, oren, anus, oogleden, neusvleugels en lippen zetten op; Na 13 dagen zal het konijn sterven.

Het idee om Myxomatose als een biologisch bestrijdingsmiddel te gebruiken werd in 1918 naar voren gebracht door de Braziliaanse geleerde H. de Beaureparie Aragao. De Australische regering verwierp het voorstel omdat het niet zou werken. Uiteindelijk, in 1920, gaf de Australische regering toe en gaf het de CSIRO toestemming aan de ontwikkeling van het Myxoma Virus te werken.

Na de vrijlating van het Myxoma Virus in 1950 was de afname van de populatie van deze plaag duidelijk zichtbaar. Zes maanden na de vrijlating had het 80%-95% van de populaties in de niet-droge gebieden gedood. Aangezien de verspreiding van Myxomatose is overgelaten aan virusdragers, en de mug de belangrijkste drager is, heeft de muggenpopulatie duidelijk effect gehad op de verspreiding van het virus. Muggen kunnen niet overleven in droge omstandigheden dus na een tijdje werd de woestijn een toevluchtsoord voor de konijnen tegen Myxomatose, en tenslotte groeide de populatie weer. Bovendien kruiste de zeer kleine populatie die immuun was voor het Myxoma Virus en niet stierf, met andere konijnen die immuun waren. Zij brachten hun hun genen zo over op hun jongen en bouwden de populatie op. Tenslotte was in 1955 het effect van de virussen niet meer zichtbaar.

Om het virus een nieuwe stimulans te geven als een effectief bestrijdingsmiddel introduceerde de CSIRO de Europese konijnenvlo in 1957 en opnieuw in 1966. De vlo was niet zo effectief als verwacht, vooral niet in de droge gebieden, maar het gaf het virus weer een oppepper in de meer gematigde gebieden. In 1993 werd de Spaanse konijnenvlo geďntroduceerd in Australië door de CSIRO in de hoop Myxomatose en het Myxoma Virus verder landinwaarts te verspreiden. Deze vlooien kunnen zich beter aanpassen dan muggen en andere vlooien en ze zijn landinwaarts verspreid, maar het zal nog een paar jaar duren om te berekenen wat het effect van de vlo in deze droge gebieden was, en of de verspreiding van het Myxoma Virus en Myxomatose enig effect heeft gehad op de konijnenpopulatie daar.

Vaccins tegen Myxomatose zijn verboden door het Australian Federal Government, de Australische Federale Regering, Als een gevaccineerd konijn zou ontsnappen en zich zou gaan voortplanten zou het de immuniteit doorgeven en tenslotte zou de ziekte zijn effect verliezen.

Calicivirus

Het Calicivirus werd ‘per ongeluk’ losgelaten in 1995. Het had een enorme uitwerking op de populatie wilde konijnen, het kon het aantal konijnen met 95% terugbrengen. Het Calicivirus werd voor het eerst ontdekt bij konijnen in China in 1984. In 1991 werd het virus aan de CSIRO gegeven om het tot een biologisch bestrijdingsmiddel te ontwikkelen, maar in 1995 ‘ontsnapte’ het in de Australische wildernis.

Nadat het Calicivirus in 1984 was bespeurd in China, werd het al snel opgemerkt in Italië in 1986, Frankrijk in 1987, Zwitserland en Spanje in 1988, Duitsland in 1989, Denemarken in 1990 en het zuiden van Zweden in 1993. Het Calicivirus heeft zich sindsdien in vele andere landen gevestigd, maar dit zijn de belangrijkste mijlpalen.

In juli 1991 was er een lading van het fatale Calicivirus, dat Europa geteisterd had, geďmporteerd vanuit Tsjechië, daarna ontwikkeld door de CSIRO, en onder mysterieuze omstandigheden ‘per ongeluk’ ingevoerd in 1995.

Maar net als met Myxomatose begon het effect van het virus op de wilde populatie na een tijdje af te nemen.

Er zijn geen waarneembare symptomen van Calicivirus, dat het konijn binnen 34-48 uur doodt nadat het dier het zeer fatale virus heeft opgelopen. Gedurende de ‘proefperiode’ van de CSIRO maakten lijkschouwingen duidelijk dat de lever en de milt waren opgezwollen op het moment dat het konijn stierf, dat de lever gepoederd en bleek was en dat de longen gevuld kunnen zijn met vloeistof. De vermoedelijke doodsoorzaak is zuurstofgebrek en een hartstilstand.

Konijnen van elke leeftijd kunnen Calicivirus oplopen, maar konijnen die jonger zijn dan 18 dagen gaan er niet dood aan. In plaats daarvan scheiden ze het virus af en bouwen ze antistoffen op om ze te bestrijden.

©2003 ThinkQuest 2003 Team 00128: Willem, Hilary, Anneke, Sigit en Coaches: Carol, Dirk-Jan.
Alle rechten voorbehouden. [ SCHAKEL NAAR LICHTE VERSIE ] [ ENGLISH | NEDERLANDS ]